Elektrisch rijden momenteel bijna 60% goedkoper dan benzine: wat stijgende brandstofprijzen betekenen voor werkgevers
De stijgende brandstofprijzen maken het verschil tussen fossiel en elektrisch rijden opnieuw groter. Wij hebben onderzocht wat de actuele kosten per kilometer zijn voor elektrisch rijden en rijden op benzine. Daarbij hebben we gekeken naar actuele benzineprijzen, publieke laadtarieven en geanonimiseerde laaddata van 25.000 werknemers die via ons platform laden.
Kostenanalyse
Uit deze analyse blijkt dat een gemiddelde elektrische auto momenteel € 6,63 per 100 kilometer kost aan stroom. Voor dezelfde afstand met een benzineauto betalen automobilisten € 14,94 per 100 kilometer. Meer dan twee keer zo veel. De uitkomsten van onze analyse kregen ook aandacht in landelijke media, waaronder De Telegraaf en BNR Nieuwsradio.
De stijgende olieprijzen, mede als gevolg van geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten, spelen een belangrijke rol in het oplopen van de benzinekosten. Elektrische rijders zijn minder afhankelijk van deze prijsontwikkelingen, omdat een groot deel van het laden plaatsvindt op locaties waar tarieven relatief stabiel zijn.
Waar wordt tegenwoordig vaak zakelijk geladen?
Voor deze analyse hebben we gekeken naar hoe zakelijke elektrische rijders daadwerkelijk laden. Onze data laat zien dat het grootste deel van het laden plaatsvindt op locaties waar elektriciteit goedkoper is dan bij snelladers langs de snelweg.
Uit de analyse blijkt dat:
- 75% van het laden thuis of op het werk plaatsvindt
- 15% bij publieke AC-laadpunten
- 10% via snelladers
Juist omdat een groot deel van het laden thuis of op het werk gebeurt, blijven de gemiddelde energiekosten voor elektrische rijders relatief laag. Mede door de langere energiecontracten die de huidige schommelingen opvangen. De dataset is gebaseerd op Shuttel-gebruikers, die grotendeels uit zakelijke rijders bestaan. Binnen deze groep is de kans groter dat medewerkers beschikken over een thuislaadvoorziening of kunnen laden via de werkgever. Daardoor ligt het aandeel thuisladen in onze data hoger dan in sommige landelijke gemiddelden.

Wat dit betekent voor HR, fleet en finance
Voor organisaties raakt mobiliteit steeds vaker aan meerdere strategische doelen tegelijk: grip op kosten, duurzaamheid en goed werkgeverschap. Juist bij stijgende brandstofprijzen wordt zichtbaar hoe belangrijk het is om daar actief op te sturen.
Wanneer brandstofkosten oplopen kan een maximale onbelaste reiskostenvergoeding voor medewerkers niet altijd genoeg kosten dekken. Dat kan leiden tot vragen aan HR over compensatie, ongelijkheid tussen werknemers of druk op secundaire arbeidsvoorwaarden. Tegelijk biedt het organisaties ook kansen. Ingrijpende gebeurtenissen, zoals een zeer sterke stijging in brandstofkosten, kunnen een opening zijn voor gedragsverandering. Als organisatie kun je hierop inspelen door het mobiliteitsbeleid slimmer in te richten. Denk aan het stimuleren van reizen per fiets of openbaar vervoer op dagen dat dit goed mogelijk is, het aantrekkelijker maken van thuiswerken waar passend, of het invoeren van een mobiliteitsbudget waarmee medewerkers zelf bewustere keuzes kunnen maken.
Voor fleet- en mobiliteitsmanagers zit de opgave vooral in het beheersen van de totale mobiliteitskosten. Hogere brandstofprijzen maken het verschil tussen fossiel en elektrisch rijden sneller zichtbaar, maar ook tussen verschillende vormen van mobiliteit. Een werkgever kan dan bijvoorbeeld sturen op:
- het versnellen van elektrificatie in het wagenpark
- het faciliteren van thuisladen en laden op kantoor
- het ontmoedigen van structureel gebruik van brandstofauto’s voor ritten waar alternatieven beschikbaar zijn
- het slimmer combineren van lease, mobiliteitsbudget, fiets en openbaar vervoer
Voor finance en payroll wordt het vooral belangrijk om te kunnen zien wat mobiliteit nu echt kost. Niet alleen de directe kosten van lease, brandstof of laden, maar ook de indirecte kosten van vergoedingen, declaraties, administratie en fiscale regelingen.
Versnipperde mobiliteitsadministratie in de praktijk
In de praktijk blijkt dat mobiliteit bij veel organisaties nog versnipperd is over verschillende aanbieders en systemen. Denk aan een leasemaatschappij, laadpassen, OV-aanbieders, deelmobiliteit en declaratiesystemen. Daardoor ontbreekt vaak het totaaloverzicht van mobiliteitskosten en reisgedrag.
Dat maakt sturen lastig. Als reizen, laden, declaraties en andere mobiliteitsvormen in losse systemen zitten, is het moeilijk om te zien:
- welke groepen medewerkers relatief duur reizen
- waar stijgende brandstofkosten de grootste impact hebben
- of thuisladen en laden op kantoor al voldoende worden benut
- hoe mobiliteitskeuzes zich verhouden tot duurzaamheidsdoelen
- welke regeling voor welke medewerker het meest kostenefficiënt is
Die versnippering zorgt bovendien niet alleen voor minder inzicht aan de kant van HR, payroll en finance, maar ook voor meer administratielast bij medewerkers. Meerdere apps, losse declaraties en verschillende mobiliteitsaanbieders maken mobiliteit minder gebruiksvriendelijk en daardoor vaak ook minder effectief.
Hoge brandstofprijzen zijn daardoor niet alleen een kostenissue, maar ook een aanleiding om mobiliteitsbeleid opnieuw tegen het licht te houden.
Elektrificatie krijgt extra impuls door fiscale veranderingen
Naast de stijgende brandstofprijzen kijken veel organisaties ook vooruit naar nieuwe fiscale ontwikkelingen. In het Belastingplan is voorgesteld om vanaf 2027 een pseudo-eindheffing van 12% van de catalogusprijs per jaar in te voeren voor nieuwe fossiele personenauto’s die door de werkgever ook privé of voor woon-werkverkeer ter beschikking worden gesteld.
Voor werkgevers betekent dit dat de afweging rond mobiliteitsbeleid breder wordt dan alleen de leaseprijs of de brandstofkosten van vandaag. Ook de fiscale lasten van fossiele auto’s gaan zwaarder meewegen in de totale kosten van mobiliteit.
Wij verwachten dat deze ontwikkeling twee bewegingen verder zal versnellen.
- Verdere elektrificatie van wagenparken: Omdat het kostenverschil tussen fossiel en elektrisch groter wordt.
- Meer gebruik van mobiliteitsbudgetten: Voor werkgevers die medewerkers flexibiliteit willen bieden zonder de extra fiscale lasten van fossiele auto’s.
Voor veel organisaties wordt mobiliteitsbeleid daarmee steeds meer een strategisch vraagstuk waarin kosten, duurzaamheid en flexibiliteit samenkomen.

Hoe wij organisaties helpen
Bij Shuttel helpen we organisaties om mobiliteit overzichtelijker en beter stuurbaar te maken. Door reizen, laden en andere mobiliteitsvormen samen te brengen in één platform ontstaat inzicht in het daadwerkelijke gebruik en de totale mobiliteitskosten.
Dat maakt het voor HR, fleet en finance mogelijk om mobiliteitsbeleid beter te onderbouwen en bij te sturen. Bijvoorbeeld door inzicht te krijgen in:
- het daadwerkelijke laadgedrag van medewerkers
- de verdeling tussen thuisladen, werk en publiek laden
- de totale mobiliteitskosten per medewerker of afdeling
- de CO₂-impact van verschillende vervoersvormen
Met die inzichten kunnen organisaties hun mobiliteitsbeleid beter afstemmen op hun doelen, zoals duurzaamheid, kostenbeheersing en goed werkgeverschap.
Benieuwd hoe Shuttel jullie mobiliteit overzichtelijk en beter stuurbaar maakt?
Neem vrijblijvend contact op met één van onze ervaren mobiliteitsadviseurs.